Eis in hoger beroep tien jaar en tbs voor moord Bergeijk

bron: Ed.nl

Het Openbaar Ministerie heeft in hoger beroep tien jaar en tbs geëist tegen een 20-jarige Eerselnaar.

Die zou op 24 november 2005 samen met twee anderen T. van Laarhoven uit Bergeijk om het leven hebben gebracht. De advocaten van de verdachte vroegen gisteren om vrijspraak. Zij stellen dat er geen wettig en overtuigend bewijs is tegen hun cliënt.

De 62-jarige van Laarhoven werd in 2005 met een koevoet de schedel ingeslagen terwijl hij lag te slapen in zijn bed. De verdachte die in hoger beroep is gegaan, kreeg negen jaar en tbs. Zijn twee vrienden, onder wie de zoon van het slachtoffer, werden veroordeeld tot acht jaar en tbs. Zij gingen niet in hoger beroep. Aanleiding tot de moord was de verwachte erfenis van 1,2 miljoen die na de dood van Van Laarhoven voor zijn zoon zou vrijkomen.

De Eerselnaar zegt dat hij pas na de moord bij de zaak betrokken is geraakt. Zijn twee vrienden zouden hem hebben gevraagd de schuld voor het misdrijf op zich te nemen. Hij zou daarvoor beloond worden met 500.000 euro. De man legde in eerste instantie twee bekennende verklaringen af, maar trok die later in omdat hij zich door de zoon van het slachtoffer bedrogen voelde. Op verzoek van de verdediging is er in hoger beroep een tegenonderzoek verricht naar dna-sporen die zijn achtergebleven in de slaapkamer en op de koevoet. Onderzoeker R. Eikelenboom zegt sporen te hebben aangetroffen van een tot op heden onbekend gebleven persoon. Er bestaat echter ook een gerede kans dat het een dna-spoor is dat door de zoon van het slachtoffer is binnengesleept, nadat hij met andere mensen in contact is geweest. De advocaten K. van der Meijden en P. Saris vragen het Hof om nader onderzoek naar dit spoor. Advocaat-generaal M. Kolkert is er van overtuigd dat de Eerselnaar wel degelijk bij de moord betrokken was. Uitspraak 25 maart.