Rechter moet zich niet met inhoud tbs bemoeien
De rechterlijke macht moet zich eigenlijk niet bemoeien met de behandeling van een tbs-patient. De tbs-klinieken maken van iedere patient een risicotaxatie en op basis daarvan wordt zijn behandeling ingevuld. Als een rechtbank daar tegenin gaat, is sprake van "oneigenlijke inmenging" .
Dat stelt H. van Marle, hoogleraar forensische psychiatrie aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam en deskundig op het gebied van ter beschikking stelling. In het verleden was hij geneesheer-directeur van de Van Mesdagkliniek in Groningen en van de justitiele observatiekliniek Pieter Baan Centrum, die de rechter adviseert over het opleggen van de tbs-maatregel.
Van Marle is het niet eens met PvdA-Tweede-Kamerlid Wolfsen dat minister Donner van Justitie zich ten onrechte verschuilt achter de rechter in de zaak rond Wilhelm Schippers.
De rechterlijke macht beslist over voortzetting van de behandeling van een tbs-patient. Het komt voor dat een kliniek de rechter adviseert de tbs van iemand met twee jaar te verlengen, maar dat de rechtbank beslist dat verlenging met een jaar voldoende is en dat in de tussentijd moet worden begonnen met resocialisatie in de samenleving. "De rechtbank geeft in feite een aanwijzing en dat mag eigenlijk niet."
Van Marle: "Als een kliniek zo'n beslissing van de rechter naast zich neerlegt, bestaat het risico dat de rechtbank de tbs de volgende keer beeindigt. De kliniek is dan dus gedwongen het oordeel van de rechtbank te volgen". Wel is het zo dat minister Donner verantwoordelijk is voor de uitvoering van een tbs-maatregel en dus voor over de verloven. "Maar een tbs-kliniek en het ministerie zijn in deze een organisatie en dus in feite gebonden aan de uitspraak van de rechter."
Van Marle benadrukt dat een rechter soms goede motieven heeft om zich met de behandeling te bemoeien, "maar het hoort niet". Een rechter wil soms graag inzicht in hoe een patient zich gedraagt in de maatschappij. "Patienten kunnen zich binnen de muren van een kliniek voorbeeldig gedragen. Maar dat is kan een schijnaanpassing zijn en zegt niets over iemand functioneren in de maatschappij."
Nederland kent het systeem dat een strafrechter eraan te pas komt om een tbs-maatregel te beeindigen. "Op zich is dat een goed en gezond systeem, omdat mensen uitzicht moeten hebben op het einde van hun straf, maar het is niet terecht dat de rechter, die wij zeer hoog achten, zich met de inhoud van tbs bemoeit."
Volgens de hoogleraar wordt in verschillende fases van tbs-behandeling een risicotaxatie van een patient gemaakt. Daarvoor zijn speciale meetinstrumenten ontwikkeld. Van Marle: "Dat instrument werk goed, maar is niet waterdicht. Vier van de vijf beoordelingen zijn goed, met een op de vijf gaat het fout. In dat geval is aanvullend materiaal van een patient nodig." Rechters moeten wat hem betreft beter met de klinieken communiceren over deze risicotaxaties.